Het was een mooie avond dus besloot ik een wandelingetje te maken door de stad. Ik genoot van de sneeuw die onder mijn voeten kraakte. Toen ik bij het park aangekomen was, zette ik me op het bankje waarop ik gewoonlijk zat en begon voorbijgangers te bestuderen. Ik zag een koppeltje voorbijkomen, hand in hand, glimlachend naar elkaar. Ik voelde een beetje jaloezie, maar kon mezelf toch overtuigen blij te zijn voor hen. Ik zag een man in een maatpak die vlug een taxi aanhield. En 3 kleine jongetjes die in de sneeuw kwamen voetballen. Een paar tieners die elkaar veel te vertellen hadden. Een oude man die tegen zichzelf aan het praten was. Jonge ouders die hun kerstinkopen gingen doen. Toen zag ik plots Meneer aan de overkant van het park. Ik besloot hem te volgen.